Cesar speelt voor doelman

door Else Röder

www.ervaringskennisinkaart.nl

Deze keer geen hondengeblaf als ik aanbel aan de voordeur – en even denk ik, hé is er wel iemand thuis? Na dit moment van stilte gaat de deur ruimschoots open en verwelkomt Cecile mij. Cesar ligt op zijn plaats en na een signaal van Cecile komt hij vriendelijk naar me toe en vraagt om mijn aandacht.

Cesar(vmc) juli 2012

Cecile neemt me direct mee op pad om Cesar eerst even de nodige beweging te geven. Wandelen met Cesar betekent dat z’n baasje en ik op de fiets gaan en dat Cesar mee rent. Onderweg blijft Cesar op aanwijzing van Cecile een keer aan het begin van een paadje zitten, totdat – wij fietsen in de tussentijd vooruit – hij wordt geroepen: als een speer komt hij naar ons toe. Hij heeft genoeg energie voor vele kilometers rennen, zo vertelt Cecile mij. Ik geloof het onmiddellijk als ik hem zo bezig zie! Cesar kent precies de route naar de speelweide waar hij kan laten zien hoe hij een bal uit een ballenwerper terugbrengt, en een plastic frisbee. Cecile doet het me voor en even later gooi ik de frisbee weg, niet te hoog, zodat Cesar hem in de lucht kan vangen. Bij een handbeweging van Cecile gaat Cesar in de verte zitten wachten totdat hij weer verder mag. Vervolgens komt hij de frisbee netjes terugbrengen en legt die in mijn hand, als ik het commando ‘hand’ geef.

Eenmaal weer thuis, gezellig aan de koffie, laat Cesar nog een paar trucjes zien: hij kan zitten met z’n voorpootjes omhoog en hij kan rollen (ook te zien op het promotiefilmpje van DMD). Het mooie is dat Cesar bijna alles doet op basis van de gebaren die Cecile hem heeft aangeleerd. Ze heeft hem zelf getraind vanaf het moment dat hij bij haar in huis kwam, op de leeftijd van vier maanden. Hij was de laatst overgebleven pup uit een nest, en is een kruising tussen een bordercollie (vader) en een sheltie, een mini collie (moeder). Van zijn vader heeft hij de kleur zwart met witte kraag, en van zijn moeder de bouw (zie foto). Hij is dus niet groot. Zijn naam komt van Cesar Millan. Cecile licht toe: ‘Ik keek regelmatig naar de programma’s van Millan op tv. Die man vind ik bijzonder in zijn omgang met honden. Vandaar.’

Waar ga je op bezoek voor DMD?

‘Ik ga nu naar drie woongroepen van Kleur in Neerbosch-Oost. Het zijn drie huizen naast elkaar waar jongeren van 10 tot 19 jaar wonen die niet meer thuis kunnen verblijven. Meestal vanwege omstandigheden thuis en/of hun eigen gedrag/beperkingen (lichte verstandelijke beperking, autisme, e.d.). Overdag gaan ze naar school of werk. Ik kom met Cesar op bezoek na het avondeten rond kwart over zes, eenmaal in de twee weken. Aanvankelijk kwam ik voor een van de jongeren, maar steeds meer bewoners kregen interesse voor Cesar. Nu zijn dit er al negen. In een van de groepen zitten twee meisjes voor wie het goed is dat ze wat meer bewegen. Met hen ga ik o.a. wandelen. Eerst een half uurtje; op een gegeven moment zei de ene tegen de andere: “Ik vind het leuk, en jij?” “Ja, ik ook.” “Zullen we nog verder wandelen?” “Ja.” Dankzij Cesar wandelen we nu soms wel een uur. Het leuke is dat tijdens het wandelen allerlei verhalen loskomen. We praten over de hond en ik maak ook bijzondere gesprekken mee tussen de meiden onderling. Het is voor hen gemakkelijker om wandelend hun hart te luchten. Ze geven elkaar tips over hoe ze dingen in het leven beter kunnen aanpakken, bijvoorbeeld om zelfstandiger te worden.’

Hoe lang ben je op bezoek?

‘Ik ben er meestal twee tot drie uur, ik ga van het ene huisnummer naar het volgende. Het is altijd aftasten hoe de sfeer is, op een avond. Soms spelen er groepsprocessen waar ik geen weet van heb, soms loopt alles gesmeerd. In principe werk ik individueel, maar er zijn ook momenten dat we met een paar bewoners tegelijk met Cesar een spel doen of wandelen of voetballen. Er is een veld tegenover het huis en daar staan ook doeltjes. Cesar gaat in het doel staan en de jongens schoppen een tennisbal naar hem toe. Meestal vangt Cesar hem, of hij mist hem, binnen of buiten de doelpalen… En op het veld kunnen de jongeren natuurlijk ook een bal en een frisbee weggooien voor Cesar.

Ik heb ook meegemaakt dat Cesar in de huiskamer aan het spelen was met een bewoner en dat een ander die niet zo bijster geïnteresseerd was, plotseling op het idee kwam om Cesar te filmen. Hij was binnen de kortste keren met een iPad in de weer, en wilde de filmpjes op Facebook zetten. Dat was een heel aparte manier van omgang en plezier met Cesar!

Een andere keer was een meisje toen ik binnenkwam nogal onbenaderbaar voor de groepsleiding. Zodra ze wist dat Cesar er was, veranderde haar humeur zichtbaar en ging ze alsnog met Cesar spelen en knuffelen. Het zijn allemaal voorbeelden van positieve veranderingen in gedrag die Cesar direct of indirect opgang brengt.’

Cesar mei 2015

In de tussentijd laat Cecile me zien hoe Cesar een ballon hoog houdt. En dan komt nog de grootste klapper: Cesar kent ook alle ins en outs van de hondensporten flyball en agility (behendigheidstraining). Flyball is een spel met een apparaat waarin een balletje in een bakje wordt ‘geladen’. De hond leert om met zijn poot op een plankje te drukken zodat de bal gelanceerd wordt, en vliegensvlug vangt hij dan het balletje op. Bij wedstrijden rent de hond eerst springend over vier horden naar het apparaat, dan drukt hij op het plankje, vangt de bal en rent weer terug over de horden naar het startpunt. Cesar heeft één keer meegedaan aan een wedstrijd, louter om te kijken hoe zoiets in z’n werk gaat. Het is een teamsport, waarbij Cesar met drie andere honden de snelste tijd moet neerzetten. Hij won meteen met zijn team de tweede prijs van in totaal twintig teams die meededen.

Cesar lijkt onvermoeibaar…

‘Hij heeft veel beweging nodig, maar als ik zeg ‘klaar’ dan stopt hij. En hij kan ook heel goed luieren. Hij heeft beide uitersten in zich. De ene jongere wil stoere dingen met hem doen, een ander houdt meer van wat troetelen. Soms ga ik op de bank zitten naast een jongere en dan krijgt zo’n tiener een kleed waarop Cesar op schoot mag zitten. Cesar laat zich graag knuffelen. Als we zo op de bank zitten klets ik nog wat met de jongere en dan komt er ook van alles naar voren, over dagelijkse dingen. Heel bijzonder.’

Wat doet het met jou, dit werk?

‘Ik ben zelf werkzaam geweest als inrichtingswerker, zowel in de zorg als voor kinderen en gehandicapten. Drie jaar geleden, tijdens de crisis, verloor ik mijn baan en toen namen we het besluit dat een hond weer in ons leven paste. Ik merkte al snel dat Cesar bovengemiddeld intelligent is, en gevoelig. In het begin was hij bang voor van alles, lichten ’s avonds, over de brug lopen, al die dingen. Hij was nog niet zindelijk toen ik hem kreeg, maar hier thuis had ik hem in een week zover. Hij gaat gemakkelijk mee in de auto, en ook in de trein op schoot. We nemen hem mee naar restaurants, naar de dierentuin, naar andere honden, en hij is rustig bij kinderen en baby’s. Ook een heel leuk speelkameraadje voor mijn drie kleinkinderen. Als hij moet liggen van mij, blijft hij liggen. Hij kan zwemmen, maar als ik zeg dat het niet mag, doet hij het niet. Hij kan veel. Het is echter geen waakhond. Blaffen doet hij niet in huis, buiten mag hij dat wel als er ruimte voor is. Slechts één keer ben ik ’s avonds laat tijdens het uitlaten rechtsomkeer gegaan omdat hij ging grommen naar een man met een hond. Dat neem ik dan heel serieus, juist omdat we dat verder nooit van hem horen.

Dat ik nu (sinds mei 2015) samen met Cesar bij jongeren op bezoek ga om ze een beetje vooruit te helpen, vind ik geweldig. Alles komt hierin samen voor mij. Dus hij is een verrijking voor degenen die we bezoeken én voor mij.’

Wat vindt Cesar van zijn werkzaamheden?

‘Ik zie een gelukkig hondje. Het allereerste bezoek dat ik voor DMD met hem deed was in een verpleeghuis bij een groep oudere bewoners met dementie. Deze mensen zaten stilletjes in hun (rol)stoel en konden amper een knuffel weggooien. In plaats van contact te maken met de hond gingen ze de knuffel aaien. Ik had al snel door dat Cesar zich hier zou vervelen. Hij is op zich wel geschikt voor ouderen, want ik ging lange tijd langs bij een hoogbejaarde man en een vrouw in een verpleeghuis. Zij maakten contact met hem en waren geïnteresseerd in de hond zelf. Cesar houdt van spel, beweging en interactie. De jongeren waar we nu op bezoek gaan, zijn voor Cesar dus ook een heel geschikte doelgroep.’

‘Binnenkort ga ik met Cesar samen met Micha en Vicky naar een schoolklas van de Hazesprong. Hoogbegaafde kinderen van groep 4 krijgen een extra programma aangeboden, in dit geval met honden. We laten zien wat voor verschillen er zijn tussen honden. Commando “poot” betekent bij Vicky dat ze een pootje geeft en een hondensnoepje krijgt. Bij Cesar wordt dit commando gebruikt bij flyball, zodat hij op de plank drukt. De kinderen mogen natuurlijk ook het flyball-apparaat bedienen en helpen bij de diverse commando’s.’

Ondertussen zit Cesar me aan te kijken, terwijl ik hem een knuffeldier geef. Maar hij doet er niets mee. Cecile ziet een vraagteken boven mijn hoofd zweven. Het blijkt dat hij heeft geluisterd naar Cecile die net zei dat het klaar was. Is hij me weer te slim af!

Naschrift: Cecile en Cesar zijn inmiddels bij de Hazesprong geweest, het was een groot succes!